Meerderjarige komt niet steeds beroep toe op derdenbeding in echtscheidingsconvenant

Verbintenissenrecht: Het meerderjarige kind kan voor alimentatie niet steeds met succes een beroep doen op het derdenbeding jegens haar in het echtscheidingsconvenant van haar ouders.

Samenvatting annotatie onder Rb. Noord-Holland 1 april 2015, Prg. 2015/138 m.nt. P.J.M. Ros (ECLI:NL:RBNHO:2015:2709).

De meerderjarige dochter eist dat haar vader € 315,= per maand gaat betalen op grond van een derdenbeding jegens de dochter in het echtscheidingsconvenant van haar ouders. De vader weigert en stelt dat zijn dochter niet met hem heeft overlegd over haar studie. Dit was wel vereist om te voldoen aan de voorwaarde tot betaling aan de dochter in het derdenbeding in het echtscheidingsconvenant.

De rechter is het met die zienswijze eens en wijst de vordering van de dochter af. Had zij maar met haar vader moeten overleggen over de studie en overigens heeft de dochter geen behoefte aan een bijdrage, luidde het oordeel.

In de annotatie onder deze uitspraak stelt de auteur belangrijke vraagtekens bij de uitleg van het derdenbeding door de rechtbank. Daaruit blijkt dat de rechtbank niet alleen het zgn. Haviltex-criterium ten onrecht ter zijde stelt, maar ook dat er met ‘overleg’ over de studie in het derdenbeding doorgaans wordt beoogd een impliciete ‘bekendheid met’ die studie. Tevens wordt er volgens de annotator voorbijgegaan aan het feit dat hier sprake is van evident onduidelijke standaardclausule van de vFAS, die niet per sé in het nadeel van de dochter dient te worden uitgelegd.

Wilt u meer over deze annotatie weten? Het volledige commentaar met jurisprudentie, literatuur en andere vindplaatsen is te raadplegen in de annotatie onder Rb. Noord-Holland 1 april 2015, Prg. 2015/138 m.nt. P.J.M. Ros (ECLI:NL:RBNHO:2015:2709) of neem contact op met ons kantoor.

Print Friendly, PDF & Email