Geen succesvolle wraking van rolrechter die ten onrechte uitstel verleende

Procesrecht: Rolrechter niet met succes gewraakt, omdat het enkel verlenen van uitstel, dat in strijd is met het procesreglement, nog geen vooringenomenheid is.

Samenvatting annotatie onder Rb. Limburg (wrakingskamer Roermond) 16 januari 2014, Prg. 2014/112 m.nt. PJMR (ECLI:NL:RBLIM:2014:2468).

In deze kwestie wordt de rolrechter gewraakt, omdat hij in strijd met het Landelijk procesreglement voor civiele dagvaardingszaken een eerste uitstel heeft verleend voor het nemen van een conclusie van antwoord, zonder de tegenpartij daarover te horen. De wrakingskamer wijst het verzoek af, omdat er geen sprake is van vooringenomenheid van de rolrechter. Het enkele verlenen van uitstel is volgens de wrakingskamer immers niet gerelateerd aan een inhoudelijke beoordeling van de voorliggende kwestie. Bovendien mag er ex art. 1.14 Landelijk procesreglement hiervan worden afgeweken.

Deze beschikking van de wrakingskamer is een van de vele voorbeelden, waarin het schier onmogelijk blijkt een rolrechter met succes te wraken. Overigens kan ex art. 36 Rv dus ook een rolrechter worden gewraakt, ondanks het feit dat hij na zijn rolbeslissing kennelijk inhoudelijk niet langer bij de zaak is betrokken. Toch stranden de meest pogingen in dit verband, omdat procesbeslissingen volgens vaste jurisprudentie in beginsel niet tot wraking kunnen leiden. Zo zegt immers een eerste uitstel hoegenaamd niets over het inhoudelijke oordeel van de rechter over de zaak.

Er is een geval bekend, waarin de rolrechter wel met succes werd gewraakt. In rechtbank Rotterdam (wrakingskamer) 28 mei 2003, ECLI:NL:RBROT:2003:AF9391 had de rolrechter zonder nadere motivering meerdere verzoeken om uitstel telkens afgewezen. Dat bleek teveel van het goede en de rechter werd huiswaarts gezonden.

Ten slotte melden wij hier nog dat er met ingang van 1 april 2014 een pilot loopt bij de gerechtshoven in Amsterdam en Den Haag om elkaars wrakingsverzoeken te behandelen. Dit met als doel om het vertrouwen van rechtzoekenden in dergelijke procedures te vergroten, zie www.rechtspraak.nl.

De volledige annotatie met jurisprudentie is te raadplegen onder Rb. Limburg (wrakingskamer) 16 januari 2014, Prg. 2014/112 m.nt. PJMR (ECLI:NL:RBLIM:2014:2468) of neem contact op met ons kantoor.

Print Friendly, PDF & Email