Betaling van 30% van de koopsom bij ontbinding koop van een keuken is oneerlijk; beding vernietigd

Consumentenrecht: De kantonrechter laat het beding in de voorwaarden van Brugman Keukens dat 30% annuleringskosten rekent als de consument van de koop afziet, ten onrechte in stand. Het is immers oneerlijk.

Samenvatting annotatie onder Rechtbank Midden-Nederland (kantonrechter Utrecht) 5 oktober 2016, Prg. 2016/320 m.nt. P.J.M. Ros (ECLI:NL:RBMNE:2016:5335).

De kantonrechter heeft geoordeeld dat gedaagde de volledige annuleringskosten moet betalen aan Brugman Keukens nadat de koper de overeenkomst had ontbonden. Brugman mocht er redelijkerwijs vanuit gaan dat gedaagde inderdaad een badkamer en later een keuken wilde kopen. Daaraan doet niet af dat gedaagde een bipolaire stoornis heeft en tijdens haar bezoeken aan de showroom wellicht een manische periode doormaakte. Mensen die een nieuwe badkamer of keuken zoeken, zijn immers wel vaker enthousiast. De 30% annuleringskosten zijn gezien het verlies en de gederfde winst niet onredelijk.

De kantonrechter past de wilsvertrouwensleer goed toe, maar neemt de schadevergoeding wel wat gemakkelijk aan. Brugman beroept zich op ‘geleden verlies’ en ‘gederfde winst’ (zie Rb. Alkmaar 20 oktober 2010, ECLI:NL:RBALK:2010:BP7266, Prg. 2011/109), maar uit niets blijkt welke schade zij werkelijk lijdt als gevolg van de annulering van de bestelling. In een vergelijkbaar geval deed de kantonrechter Amsterdam wel het juiste door te overwegen dat de verlangde vergoeding van 25% van de koopsom hoog is en de verkoper haar schade onvoldoende heeft onderbouwd (zie Rb. Amsterdam 10 maart 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:2206, Prg. 2014/142). Overeenkomstig de Europese jurisprudentie bestempelt de kantonrechter het schadevergoedingsbeding als oneerlijk. In zo’n geval moet de rechter het beding vernietigen, zodat het niet mogelijk is de boete – die op dat beding gebaseerd is – te matigen, vgl. HvJEU 30 mei 2013, C-488/11 (Brusse en Garabito/Jahani), ECLI:EU:C:2013:341. Een dergelijke uitkomst was in de onderhavige zaak ook passender geweest. Over het schadevergoedingsbeding is immers niet afzonderlijk door gedaagde en Brugman onderhandeld. Voorts verstoort het beding het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van partijen aanzienlijk ten nadele van de koper, zie art. 3 lid 1 Richtlijn 93/13/EEG betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten.

De volledige annotatie met aanvullende jurisprudentie is te raadplegen onder Rechtbank Midden-Nederland (kantonrechter Utrecht) 5 oktober 2016, Prg. 2016/320 m.nt. P.J.M. Ros (ECLI:NL:RBMNE:2016:5335) of neem contact op met ons kantoor.

Print Friendly, PDF & Email